Open brief aan G.L.
Beste G.,
Het laatste half jaar heb ik je regelmatig ontmoet op mijn werkplek. In je leven heb je zo'n beetje alles gebruikt wat aan drugs voorhanden is, 'polygebruiker' is het woord dat we daarvoor hebben. Je hebt het leven op straat en in de slaaphuizen dan ook uit eigen ervaring en vaak niet tot je plezier leren kennen.
Je verbleef bij ons op diverse afdelingen, allemaal in verschillende stadia van ontgiften, de zaak op de rails krijgen, vooruit kijken enz. Dat was niet altijd makkelijk voor je want je moet daarbij voortdurend stilstaan bij jezelf en daarmee aan de slag.
We spraken samen over je jeugd en de tegenvallers in je latere leven en de schaamte die daar bij hoort. En natuurlijk spraken we over je gebruik en je verwachtingen van een toekomst zonder gebruik. Vrienden had je niet of weinig. Je probeerde dat wel, maar wie wil er nu met een junk bevriend zijn, zo stelde je mij de vraag. En ik zag daarbij de pijn in je ogen.
In de laatste zes maanden heb ik je leren kennen als een doorzetter. Je was inmiddels clean van alle middelen en je had nog één wens; afkicken van de methadon, het laatste middel dat je gebruikte. Dat is je nu gelukt en ook dat was geen makkelijk traject. Elke dag bleef je 'trek' houden, had je spierpijn en voelde je jezelf ellendig. Je vroeg daarvoor geen aandacht want 'het hoorde erbij' zo vond je zelf. Toch heb ik in die periode kennis kunnen maken met je fijnzinnige en intelligente humor ook op de momenten dat het overduidelijk was dat je er beroerd aan toe was.
Ik heb in die maanden regelmatig gedacht aan de 'eigen schuld, dikke bult' opmerkingen als het over verslaafden gaat en aan de opmerkingen van Sabine Uitslag van het CDA over de 'losers' die GHB gebruiken. Vreemd, ik heb een man leren kennen die bezig is zichzelf bij de haren uit het moeras te trekken en ik moet zeggen dat ik daar meer respect voor heb dan voor het vluchtige succes van politieke oneliners.
G, trek je vooral niets aan van de mening van die anderen. Als ik aan jou leven denk schiet mij een zin in gedachten uit het boek "Een hermelijn in Tsjernopol" van Gregor von Rezzori: "Bedenk jonge vrienden," zei de prefect ooit tegen ons, "dat de meeste mensen het leven alleen maar kennen van horen zeggen."
